Adagium van de makelaar

Toen de laatste gaslantaarn van Haarlem doofde

Toen de laatste gaslantaarn van Haarlem doofde

Op 4 november 1965 doofde bij het Proveniershofje de laatste gaslantaarn van Haarlem. Na ruim 130 jaar koos de stad definitief voor elektrisch licht: efficiënter, betrouwbaarder en vooral moderner. Toch verdween met die laatste vlam meer dan een manier van straatverlichting. Generaties Haarlemmers hadden eronder gewandeld, elkaar ontmoet en hun weg naar huis gevonden. De vlam verdween, de herinneringen bleven.

De Bakenessertoren – het kleine broertje met een groot verhaal

De Bakenessertoren – het kleine broertje met een groot verhaal

Wie Haarlem bezoekt, kijkt bijna vanzelf omhoog naar de Grote of Sint-Bavokerk. Weinigen beseffen dat nauwelijks driehonderd meter verderop haar bescheiden broertje al bijna acht eeuwen stilletjes hetzelfde doet. De Bakenessertoren werd rond 1530 voltooid, maar haar geschiedenis begint al omstreeks 1250 met een houten kapel op de Bakenes, het oudste deel van Haarlem. Wat begon als een eenvoudig bedehuis groeide uit tot het kloppend hart van Oud-Haarlem. Door de eeuwen heen was de Bakenesserkerk parochiekerk, hervormde kerk én zelfs de bekende Kinderkerk, waar generaties kinderen uit de wees- en armenzorg verplicht de kerkdienst bezochten.

Soms zie je het pas, wanneer je even achterover leunt

Soms zie je het pas, wanneer je even achterover leunt

Bij Restaurant Sari in Heemstede gebeurt dat meestal na het eerste biertje, ergens tussen de saté kambing en de daging rendang. De gesprekken worden zachter, het licht warmer én dan ineens valt het oog omhoog. Daar boven de tafels waar al decennia lang verjaardagen worden gevierd, zaken worden beklonken en liefdes worden bezegeld, ontvouwt zich een bijzonder plafond met uit diverse houtsoorten afgebeelde afbeeldingen. Een waaier van lijnen en krullen, bijna als een bloem, die zich langzaam opent. Sommigen zien er een pauwenveer in, anderen een Javaanse bloem óf zelfs een Garuda. Wie langer kijkt ontdekt, dat het plafond bijna lijkt te bewegen.

Waar Haarlem leerde besturen

Waar Haarlem leerde besturen

Sommige gebouwen vertellen niet alleen geschiedenis, ze ademen deze ook uit iedere steen. Het Prinsenhof in Haarlem is zo’n plek. Achter de statige entree, verscholen tussen de oude gevels van de binnenstad, werd eeuwenlang niet geresideerd om te imponeren, maar om te besturen. Regenten, bestuurders en notabelen liepen hier dagelijks over dezelfde natuurstenen vloeren onder hoge vensters, die het licht precies genoeg binnenlieten om waardigheid te suggereren.

Een verbogen geschiedenis van meerdere generaties.

Een verbogen geschiedenis van meerdere generaties.

Koekoeksduin bestaat al langer dan de meeste mensen vermoeden. De eerste vermelding dateert uit 1596, toen hier nog slechts een eenvoudige hofstede lag aan de rand van duin en veen. Door de eeuwen heen groeide het gebied uit tot onderdeel van het grotere Leyduin. In 1920 werd het omvangrijke terrein gesplitst in drie afzonderlijke landgoederen: Leyduin, Vinkenduin en Koekoeksduin. Dat laatste ontwikkelde zich tot een NSW-landgoed van ruim acht hectare met een monumentale duinboerderij verscholen tussen bos en open duin, ooit in handen van een van de grondleggers van de internationale olie-industrie.
Mariënheuvel – een huis dat van rol durft te veranderen

Mariënheuvel – een huis dat van rol durft te veranderen

Sommige huizen lijken van begin af aan te weten dat hun leven niet bij één functie zal blijven. Mariënheuvel is zo’n huis. Ooit gebouwd tussen 1907 en 1909 als het nieuwe hoofdgebouw van de buitenplaats Meer en Berg in opdracht van jonkheer H.J. Deutz van Lennep. Architect Foeke Kuipers tekende een landhuis, dat bewust teruggrijpt op de vormentaal van de Franse kastelen uit de zeventiende en achttiende eeuw. Statig, symmetrisch en geplaatst op een lichte verhevenheid in het park, alsof het huis het landschap eerst wilde overzien, voordat het zich erin voegde.

Een plek om de stad te ontvluchten: Leyduin

Een plek om de stad te ontvluchten: Leyduin

Sommige landgoederen lijken ouder dan ze zijn, andere blijken ouder dan we denken. Leyduin hoort bij die laatste categorie. De eerste vermelding gaat terug tot 1596, toen hier nog slechts een eenvoudige hofstede lag aan de rand van duin en veen. Wat daarna volgde was geen strak plan van één architect, maar een verhaal van opeenvolgende eigenaren die ieder hun eigen laag toevoegden. Soms bescheiden, soms ambitieus, maar altijd voortbouwend op wat er al lag.

Je moet ergens beginnen

Je moet ergens beginnen

Voordat een mens huizen leert waarderen, leert hij eerst kijken. Voor mij begon dat aan de Schreveliusstraat in Haarlem in de Rijksleerschool, die rond 1915 werd gebouwd als oefenschool bij de Rijkskweekschool aan de Leidsevaart. Ontworpen door de architecten J.F. Hamersveld en S. Roog, die duidelijk begrepen dat schoolkinderen niet zachtzinnig met een gebouw omgaan. Hardstenen trappenhuis en granito gangen die bestand moesten zijn tegen dagelijks gestamp, geravot en een enkele overenthousiaste gymtas.