Stoop’s Bad: waar Haarlem leerde zwemmen

Stoop’s Bad: waar Haarlem leerde zwemmen

Als kind had vrijwel iedereen in Kennemerland er zwemles: Stoop’s Bad. In opdracht van ir. Adriaan Stoop, opende architect Eduard Cuypers dit monumentale binnen- én buitenzwembad in 1924, bedoeld voor jong en oud, rijk of minder bedeeld.

Het hoofdgebouw, met zijn hoge bassin, glas-in-lood ramen, granitovloeren en klassieke reliëfs van badende figuren, was begin 20e eeuw een antiek ogend badhuis met allure. De grote zwemzaal met balkons en de prachtige lichtval door de bovenste rij vensters, gaf het een bijna basilicale grandeur, precies genoeg om respect bij zwemmers én badmeesters af te dwingen.

Tot aan de sluiting in 1990 was het een begrip voor zwemlessen, verenigingszwemmen en de zomerse plonspartijen in het naastgelegen buitenbad. Door de monumentale status sinds 1996 bleef het gebouw behouden. Nu zijn de duikplanken, de theeschenkerij en de barbier verdwenen en zijn de zwemzaal, douche-kamers en kleedhokjes getransformeerd tot appartementen mét behoud van historische details. Dit is ondermeer te zien bij de entree met fontein, origineel tegelwerk en granitovloeren met band en bies.

En waar ooit werd afgezwommen, duikt de makelaar tegenwoordig met evenveel toewijding op elke nieuwe aanmelding in Stoop’s Bad. Stiekem toch ook een kwestie van slagkracht én inschattingsvermogen!

 

Gerelateerde Nieuwsberichten

Soms zie je het pas, wanneer je even achterover leunt

Soms zie je het pas, wanneer je even achterover leunt

Bij Restaurant Sari in Heemstede gebeurt dat meestal na het eerste biertje, ergens tussen de saté kambing en de daging rendang. De gesprekken worden zachter, het licht warmer én dan ineens valt het oog omhoog. Daar boven de tafels waar al decennia lang verjaardagen worden gevierd, zaken worden beklonken en liefdes worden bezegeld, ontvouwt zich een bijzonder plafond met uit diverse houtsoorten afgebeelde afbeeldingen. Een waaier van lijnen en krullen, bijna als een bloem, die zich langzaam opent. Sommigen zien er een pauwenveer in, anderen een Javaanse bloem óf zelfs een Garuda. Wie langer kijkt ontdekt, dat het plafond bijna lijkt te bewegen.

Waar Haarlem leerde besturen

Waar Haarlem leerde besturen

Sommige gebouwen vertellen niet alleen geschiedenis, ze ademen deze ook uit iedere steen. Het Prinsenhof in Haarlem is zo’n plek. Achter de statige entree, verscholen tussen de oude gevels van de binnenstad, werd eeuwenlang niet geresideerd om te imponeren, maar om te besturen. Regenten, bestuurders en notabelen liepen hier dagelijks over dezelfde natuurstenen vloeren onder hoge vensters, die het licht precies genoeg binnenlieten om waardigheid te suggereren.

Een verbogen geschiedenis van meerdere generaties.

Een verbogen geschiedenis van meerdere generaties.

Koekoeksduin bestaat al langer dan de meeste mensen vermoeden. De eerste vermelding dateert uit 1596, toen hier nog slechts een eenvoudige hofstede lag aan de rand van duin en veen. Door de eeuwen heen groeide het gebied uit tot onderdeel van het grotere Leyduin. In 1920 werd het omvangrijke terrein gesplitst in drie afzonderlijke landgoederen: Leyduin, Vinkenduin en Koekoeksduin. Dat laatste ontwikkelde zich tot een NSW-landgoed van ruim acht hectare met een monumentale duinboerderij verscholen tussen bos en open duin, ooit in handen van een van de grondleggers van de internationale olie-industrie.