Kraantje Lek: waar duinzand, dorst en kinderverhalen samenkomen.

Kraantje Lek: waar duinzand, dorst en kinderverhalen samenkomen.

Kraantje Lek, gelegen aan de voet van de Blinkert, kent een geschiedenis die teruggaat tot de tijd van Napoleon. Rond 1811 bivakkeerden hier Franse troepen in het duin, met zicht op het strategisch gelegen pad naar Zandvoort, Haarlem en de Haarlemmermeer.  De plek dankt haar naam aan een lekkende kraan met vers duinwater, tegenover de beroemde ‘Holle Boom’ volgens overlevering de geboorteplaats van kindertjes tot schrik én vermaak van generaties Haarlemse kleuters.

Langs dit pad liepen Zandvoortse vissersvrouwen van de Grote Markt terug naar huis, de emmers leeg, de benen moe. Bij de boom werd halt gehouden, niet alleen voor een slok fris duinwater, maar naar verluidt ook voo een troostende borrel. In het nabijgelegen café, dat al sinds de 18e eeuw bestaat, vloeide meer dan alleen bronwater. Kraantje Lek was en is een plek van verhalen, pauzes en de kunst van even stilstaan in beweging.

Vandaag de dag kun je er nog altijd gratis duinwater tappen bij het originele kraantje. De Holle Boom is inmiddels door beeldend kunstenaar Kees Verkade in brons vereeuwigd en nog steeds een spannend speelelement. Er is een speeltuin, een sfeervol restaurant met Jachtkamer en het Tuighuis voor bijeenkomsten. Kraantje Lek is niet alleen een pauzeplek aan de duinrand, maar ook een tastbare herinnering aan hoe historie, landschap en volksverhalen in Kennemerland naadloos in elkaar overvloeien.

 

Gerelateerde Nieuwsberichten

Toen de laatste gaslantaarn van Haarlem doofde

Toen de laatste gaslantaarn van Haarlem doofde

Op 4 november 1965 doofde bij het Proveniershofje de laatste gaslantaarn van Haarlem. Na ruim 130 jaar koos de stad definitief voor elektrisch licht: efficiënter, betrouwbaarder en vooral moderner. Toch verdween met die laatste vlam meer dan een manier van straatverlichting. Generaties Haarlemmers hadden eronder gewandeld, elkaar ontmoet en hun weg naar huis gevonden. De vlam verdween, de herinneringen bleven.

De Bakenessertoren – het kleine broertje met een groot verhaal

De Bakenessertoren – het kleine broertje met een groot verhaal

Wie Haarlem bezoekt, kijkt bijna vanzelf omhoog naar de Grote of Sint-Bavokerk. Weinigen beseffen dat nauwelijks driehonderd meter verderop haar bescheiden broertje al bijna acht eeuwen stilletjes hetzelfde doet. De Bakenessertoren werd rond 1530 voltooid, maar haar geschiedenis begint al omstreeks 1250 met een houten kapel op de Bakenes, het oudste deel van Haarlem. Wat begon als een eenvoudig bedehuis groeide uit tot het kloppend hart van Oud-Haarlem. Door de eeuwen heen was de Bakenesserkerk parochiekerk, hervormde kerk én zelfs de bekende Kinderkerk, waar generaties kinderen uit de wees- en armenzorg verplicht de kerkdienst bezochten.

Soms zie je het pas, wanneer je even achterover leunt

Soms zie je het pas, wanneer je even achterover leunt

Bij Restaurant Sari in Heemstede gebeurt dat meestal na het eerste biertje, ergens tussen de saté kambing en de daging rendang. De gesprekken worden zachter, het licht warmer én dan ineens valt het oog omhoog. Daar boven de tafels waar al decennia lang verjaardagen worden gevierd, zaken worden beklonken en liefdes worden bezegeld, ontvouwt zich een bijzonder plafond met uit diverse houtsoorten afgebeelde afbeeldingen. Een waaier van lijnen en krullen, bijna als een bloem, die zich langzaam opent. Sommigen zien er een pauwenveer in, anderen een Javaanse bloem óf zelfs een Garuda. Wie langer kijkt ontdekt, dat het plafond bijna lijkt te bewegen.