De Haarlemse Mug

De Haarlemse Mug

Wie zich Haarlemmer noemt, krijgt er gratis een bijnaam bij: Mug. De oorsprong is minder eenduidig dan men zou denken. Sommigen zeggen dat de naam verwijst naar de moerassige gronden waarop Haarlem ooit is gebouwd waar muggen in zwermen boven de drassige velden dansten. Anderen verwijzen naar een spotnaam uit de middeleeuwen, toen Haarlem bekendstond om haar kleine maar hardnekkige bewoners.

Hoe dan ook: de bijnaam bleef plakken. En zoals dat een echte Mug betaamt, verander je daar niets meer aan. Want een Mug is koppig, maar ook vasthoudend. Waar elders ‘goed’ al snel ‘goed genoeg’ is, geldt in Haarlem: goed is goed en dat geldt voor eeuwig! Een Mug neemt geen genoegen met half werk, en dat zie je terug in de stad: van de St. Bavo tot de hofjes en van ‘t Teylers tot de Waag, zorgvuldig gebouwd om eeuwen mee te gaan.

Voor de makelaar is dat een herkenbare eigenschap. Woningen verschillen in bouwstijl, -type en formaat, maar het zijn de huizen met die onverzettelijke Haarlemse Muggenkwaliteit die blijvende waarde hebben. Misschien is dat wel de kern van Haarlem: klein begonnen, groot geworden en net als de mug zelf, altijd én alert aanwezig!

Gerelateerde Nieuwsberichten

Een plek om de stad te ontvluchten: Leyduin

Een plek om de stad te ontvluchten: Leyduin

Sommige landgoederen lijken ouder dan ze zijn, andere blijken ouder dan we denken. Leyduin hoort bij die laatste categorie. De eerste vermelding gaat terug tot 1596, toen hier nog slechts een eenvoudige hofstede lag aan de rand van duin en veen. Wat daarna volgde was geen strak plan van één architect, maar een verhaal van opeenvolgende eigenaren die ieder hun eigen laag toevoegden. Soms bescheiden, soms ambitieus, maar altijd voortbouwend op wat er al lag.

Je moet ergens beginnen

Je moet ergens beginnen

Voordat een mens huizen leert waarderen, leert hij eerst kijken. Voor mij begon dat aan de Schreveliusstraat in Haarlem in de Rijksleerschool, die rond 1915 werd gebouwd als oefenschool bij de Rijkskweekschool aan de Leidsevaart. Ontworpen door de architecten J.F. Hamersveld en S. Roog, die duidelijk begrepen dat schoolkinderen niet zachtzinnig met een gebouw omgaan. Hardstenen trappenhuis en granito gangen die bestand moesten zijn tegen dagelijks gestamp, geravot en een enkele overenthousiaste gymtas.

Dit is pas vak werk

Dit is pas vak werk

Wie door het stadsdeel Petite France wandelt, dat tegenwoordig samen met de Grande Île een UNESCO-werelderfgoed in Strasbourg is, bemerkt meteen waar het woord vakwerk vandaan komt. Hier is het geen stijl, maar een ambacht. Houten balken, zichtbaar in het gevelvlak, vormen het skelet van het huis. Daartussen vakken van leem, kalk of baksteen. Wat ooit begon als een praktische bouwmethode (hout was overvloedig, steen schaars) groeide uit tot een herkenbare architectuur die hele straten karakter gaf.