De geest van Landgoed Elswout
Landgoed Elswout is een uniek verhaal, dat start in 1633 onder Carel Jansz.du Moulin en later door Gabriel Mercelis werd voltooid die het zijn naam Elswout (Els’woud’) gaf. Hij liet o.a. de Marcellisvaart graven om zand af te voeren waarmee de aanleg van de buitenplaats financieel werd ondersteund. De invloedrijke familie Borski versterkten hun maatschappelijke positie via investeringen in het landhuis en het landschapspark, dat een voorbeeld wordt van klassieke buitenplaatscultuur. De omliggende waterpartijen, de slingerpaden en zichtassen tonen de ambitie om grandeur, functionaliteit en natuurbeleving samen te brengen, een aanpak waarin Elswout zich duidelijk onderscheidt van andere buitenplaatsen.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog wordt het landhuis gevorderd door de Duitse bezetter en voorzien van een nooddak. Na de bevrijding doet het enige tijd dienst als middelbare meisjes school het Jac. P. Thijsse Lyceum. Wat ooit een symbool van rijkdom en esthetiek was, raakt in de zeventiger jaren in verval en staat jarenlang leeg. Edoch de geest van Elswout, vorstelijk wonen, groen denken en groots dromen, blijkt hardnekkiger dan de tijd.
In de 21e eeuw, 143 jaar na de eerste steenlegging, wordt Elswout door de huidige eigenaar-restaurateur Luigi Prins met visie en durf op fenomenale wijze afgebouwd, met gebruikmaking van de opgespoorde originele bouwtekeningen. Het resultaat is een Italiaans aandoend Palazzo met het marmeren atrium als schitterend kroonstuk. Vandaag de dag doet het gebouw dienst als hoofdkantoor van Cobraspen. Zo bewijst Elswout dat erfgoed pas echt tot leven komt wanneer verleden, visie en eigentijds gebruik samenkomen, precies wat een makelaar herkent in een huis met een ziel.
Credits: Floor Zijdenbos-Jansen
Gerelateerde Nieuwsberichten
Een plek om de stad te ontvluchten: Leyduin
10-4-2026 —
Sommige landgoederen lijken ouder dan ze zijn, andere blijken ouder dan we denken. Leyduin hoort bij die laatste categorie. De eerste vermelding gaat terug tot 1596, toen hier nog slechts een eenvoudige hofstede lag aan de rand van duin en veen. Wat daarna volgde was geen strak plan van één architect, maar een verhaal van opeenvolgende eigenaren die ieder hun eigen laag toevoegden. Soms bescheiden, soms ambitieus, maar altijd voortbouwend op wat er al lag.
Je moet ergens beginnen
30-3-2026 —
Voordat een mens huizen leert waarderen, leert hij eerst kijken. Voor mij begon dat aan de Schreveliusstraat in Haarlem in de Rijksleerschool, die rond 1915 werd gebouwd als oefenschool bij de Rijkskweekschool aan de Leidsevaart. Ontworpen door de architecten J.F. Hamersveld en S. Roog, die duidelijk begrepen dat schoolkinderen niet zachtzinnig met een gebouw omgaan. Hardstenen trappenhuis en granito gangen die bestand moesten zijn tegen dagelijks gestamp, geravot en een enkele overenthousiaste gymtas.
Dit is pas vak werk
16-3-2026 —
Wie door het stadsdeel Petite France wandelt, dat tegenwoordig samen met de Grande Île een UNESCO-werelderfgoed in Strasbourg is, bemerkt meteen waar het woord vakwerk vandaan komt. Hier is het geen stijl, maar een ambacht. Houten balken, zichtbaar in het gevelvlak, vormen het skelet van het huis. Daartussen vakken van leem, kalk of baksteen. Wat ooit begon als een praktische bouwmethode (hout was overvloedig, steen schaars) groeide uit tot een herkenbare architectuur die hele straten karakter gaf.


