Kent u hem, de enige makelaar die werkt!?

Kent u hem, de enige makelaar die werkt!?

De makelaar is een karakteristiek element in traditionele kapconstructies. Dit verticale houten onderdeel bevindt zich onder de nokgording,  zet het gewicht van de kap weg op de trekplaat en is soms in het zicht als sierlijk accent op de kap. Hoewel de makelaar geen dragende functie heeft zoals gordingen of spanten, kan hij bijdragen aan de stabiliteit van de kap door verbanden in spanten te ondersteunen.

Onder collega’s circuleert een oude grap: "Kijk, dát is de enige makelaar die een functie heeft én werkt. Hij ondersteunt de kap én hij werkt omdat hij van hout is."

Bij het zoeken naar passend beeldmateriaal bleek de makelaar zelden compleet op de foto te staan.

Wat is uw beeld een makelaar? Deel ‘m in de comments!

 

Gerelateerde Nieuwsberichten

Een plek om de stad te ontvluchten: Leyduin

Een plek om de stad te ontvluchten: Leyduin

Sommige landgoederen lijken ouder dan ze zijn, andere blijken ouder dan we denken. Leyduin hoort bij die laatste categorie. De eerste vermelding gaat terug tot 1596, toen hier nog slechts een eenvoudige hofstede lag aan de rand van duin en veen. Wat daarna volgde was geen strak plan van één architect, maar een verhaal van opeenvolgende eigenaren die ieder hun eigen laag toevoegden. Soms bescheiden, soms ambitieus, maar altijd voortbouwend op wat er al lag.

Je moet ergens beginnen

Je moet ergens beginnen

Voordat een mens huizen leert waarderen, leert hij eerst kijken. Voor mij begon dat aan de Schreveliusstraat in Haarlem in de Rijksleerschool, die rond 1915 werd gebouwd als oefenschool bij de Rijkskweekschool aan de Leidsevaart. Ontworpen door de architecten J.F. Hamersveld en S. Roog, die duidelijk begrepen dat schoolkinderen niet zachtzinnig met een gebouw omgaan. Hardstenen trappenhuis en granito gangen die bestand moesten zijn tegen dagelijks gestamp, geravot en een enkele overenthousiaste gymtas.

Dit is pas vak werk

Dit is pas vak werk

Wie door het stadsdeel Petite France wandelt, dat tegenwoordig samen met de Grande Île een UNESCO-werelderfgoed in Strasbourg is, bemerkt meteen waar het woord vakwerk vandaan komt. Hier is het geen stijl, maar een ambacht. Houten balken, zichtbaar in het gevelvlak, vormen het skelet van het huis. Daartussen vakken van leem, kalk of baksteen. Wat ooit begon als een praktische bouwmethode (hout was overvloedig, steen schaars) groeide uit tot een herkenbare architectuur die hele straten karakter gaf.